Natuur in Nederland

Gepubliceerd | Door Johan Bos | Edit

Deur voor natuur openzetten

Dit artikel van auteur Johan Bos is in juni 2004 gepubliceerd in het vakblad Groen (voor bestuurders en managers). Het heeft de tongen flink losgemaakt, tot groot vermaak van de redactie.

INLEIDING
Mensen willen graag alles naar hun hand zetten. Wij passen ons niet meer aan aan de natuur. Integendeel: in hoog tempo herscheppen we die (bedreigende) omgeving zo dat het in ons straatje past. Iedere cultuur doet dat anders. In Nederland is de ‘echte’ natuur zo grondig aangepakt dat we nu in een soort ecologisch rampgebied wonen. Zelfs de huismussen verdwijnen inmiddels. Kan dat ook anders? Auteur Johan Bos vergelijkt de Nederlandse natuur met die van Spanje, het ecologisch rijkste land van West-Europa, en ziet opmerkelijke verschillen.

Zelfs de huismus verdwijnt

Nederland moet deur voor echte natuur durven openen
Stelt u zich voor: op een mooie zomerse dag bij Zandvoort cirkelen ineens zo’n vijftig vale gieren, met een vleugelspanwijdte van pakweg 2.70 meter, laag boven het strand waar kinderen nietsvermoedend een kuiltje graven. Wat zou er gebeuren? Vermoedelijk breekt er paniek uit, want het is onbekend en daardoor bedreigend. De schrikreactie is waarschijnlijk goed te verklaren vanuit het natuurbeeld dat Nederlanders in de loop der eeuwen hebben ontwikkeld. Echte, ruige natuur bestaat bij ons niet meer en komt dus ook nooit zo dichtbij. We zijn het ontwend. Hierdoor wordt er ook wel eens een zeehond te veel gered. Als zo’n dier ergens op de kust ligt of een haven binnenzwemt, gaan mensen meteen bellen naar een opvangcentrum. Het idee dat een op het strand liggende zeehond ziek is blijkt diep geworteld. Dit is bijna per definitie het beeld wat we via televisie krijgen voorgeschoteld.

Verstoord natuurbeeld
Nederlanders hebben over het algemeen een verstoord natuurbeeld. Een rustiek boerenlandschap, met veel herkenningspunten als molens en kerktorens, wordt meestal al snel als natuur gezien. Waarom? Omdat er ook kieviten en grutto’s lopen? Dat berust uiteraard op een misverstand. Deze vogels zijn cultuurvolgers, dus het gaat om een door mensenhanden gemaakt landschap. Maar wie beseft dat nog? Kinderen weten nagenoeg niet meer dat koeien melk geven… en, sterker, dat koeien geen wilde beesten zijn, maar huisdieren. Woeste natuur is in Nederland eigenlijk nergens meer voorradig. De Waddenzee steekt hierbij, ondanks z’n boortorens, recreatie en visserij, enigszins gunstig af. Het is een van de weinige relatief ongerepte stukken, en sommigen noemen het al gauw een wildernis. Weer zo’n misvatting: de kokkelvissers en andere exploitanten van de Waddenzee hebben het gebied grotendeels van zijn puurheid beroofd en nieuwe bedreigingen liggen op de loer. Maar hier leeft nog wel onze ‘zoutwaterleeuw’, of waddenwolf, als je een andere naam wilt. Je hoeft niet naar Afrika om grote roofdieren te zien: met de verrekijker vanaf de dijk is dat ook mogelijk. Je moet het alleen beseffen! Sterker: er leven zelfs twee soorten: de gewone zeehond en de veel grotere grijze zeehond.

‘Beheer’
In de publieke discussie over natuur in Nederland gaat het vaak over ‘beheer’. Vogels, vlinders en zoogdieren in hun natuurlijke habitat spelen nauwelijks een rol. Het is nog veel erger. Nu minister Dekker een nieuwe nota voor de ruimtelijke indeling van ons land heeft klaargestoomd, roepen de projectontwikkelaars en ondernemers in koor dat ze er blij mee zijn. Want, zo staat in het NRC Handelsblad van vrijdag 19-03-2004 te lezen, ‘de ecologie kreeg de laatste jaren te veel de overhand’. Echt, als ik dat lees breekt mijn klomp. Welke ecologie? Nederland heeft geen echte natuur meer, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Spanje, waar we verderop in dit artikel heengaan. We hebben echter wel een collectief schuldgevoel over het ontbreken van natuur. Zijn we daarom het land waar de meeste nota’s over dit onderwerp zijn geschreven? De ambtenaren storten zich bij hun studies het liefst op technische onderwerpen als de reductie van kooldioxide, het ophalen van afval en het aanleggen van filestroken. Dit heeft allemaal erg weinig met natuur te maken. Die nota’s en rapporten hebben een ander doel: ze geven politici de ruimte om echte beslissingen voor zich uit te schuiven.

Politiek weet niets
Kopstukken van politieke partijen weten helemaal niets van flora en fauna, is mijn ervaring. Als je ze vraagt naar de stand van onze woudaap, dan blijven ze het antwoord schuldig (als ze al weten wat een woudaap is…). Wanneer de korenwolf of zeggekorfslak op uitsterven staan worden ze pas belangrijk als zich er een actiegroep tegenaan werpt die stemmen kan winnen (of doen verliezen)! Onbekend maakt onbemind, zeker in de politiek. Of men probeert de natuurbeschermers belachelijk te maken. Ik geloof heilig dat ook Nederlanders echte natuur ontberen. We hebben er met z’n allen wel degelijk behoefte aan, maar we kunnen ons in het dagelijkse landschap dat ons omringt onvoldoende verbinden met het buitenleven. Bewijs hiervoor is eenvoudig te leveren: zo gauw een Nederlander een mooie natuurfilm ziet, naar de dierentuin gaat of op excursie naar Afrika, dan komen die oergevoelens en die verbondenheid ineens tot leven. Althans, ik heb bij mijn werk als natuurgids nog nooit meegemaakt dat dat niet het geval was.

Spanje
Maar hoe zit het nou in Spanje? Als we het met een beetje humor bekijken dan kun je zeggen dat ze daar echt wel iets hebben met wilde natuur. Want je kunt daar heel goed op schieten. Overal zie je van die zwartwitte bordjes met de tekst ‘Coto de caza’, oftewel: jachtgebied. Het jagersinstinct van de gemiddelde Spanjaard zit dicht onder de oppervlakte. In Spanje is ondanks die jacht nog veel pure natuur te vinden. En dat heeft echt niet alleen maar met oppervlakte, geografische structuur en ligging te maken. Natuurlijk heeft Spanje het voordeel bijna tegen Afrika aan te schuren: de bron van veel leven. Maar ook Nederland heeft een goede uitgangspositie, met zijn grote, grensoverschrijdende rivieren en de zee. Dat kan veel prima natuur opleveren. Ik zeg bewust ‘kan’, want de praktijk wijst uit dat er alleen maar natuur verloren gaat. Hoe komt dat nu? Waarom zijn wij een ecologisch rampgebied geworden?

Angst
De belangrijkste en oudste oorzaak is de angst van de mens voor de natuur in combinatie met intensieve landbouw en veeteelt. Verder wonen hier veel mensen en de fijnmazige infrastructuur heeft grote invloed op de groene gebieden. Een ander, recent fenomeen is de ambitieperiode van de fris aangestelde Nederlandse manager of politicus. De nieuwe man of vrouw wil zich onmiddellijk laten gelden. De dingen moeten ‘anders’. Het gebied moet op de schop. Ter compensatie is ‘nieuwe natuur’ dan nog wel bespreekbaar, maar meestal levert het veel minder op dan wat is opgeofferd. En zo verdwijnt er te veel in een te hoog tempo. Natuur is per definitie iets dat zich ontwikkelt in en vanuit het ogenschijnlijke ‘niets’. Evolutie voltrekt zich over honderden, duizenden, miljoenen jaren. Je kunt het nauwelijks zien als mens, maar het is er wel. Achteraf is dat vast te stellen, zoals Charles Darwin en Alfred Russel Wallace deden. Willen we nu nog iets verbeteren in Nederland (en vele andere landen), dan is het de kunst vanuit dat begrip met de natuur om te gaan. Als je het sneller vernietigt dan het zich kan ontwikkelen, dan is er op lange termijn een gigantisch probleem. Je neemt een hypotheek op die je niet kunt aflossen. Om dat te begrijpen hoef je niet doorgeleerd te hebben.

Niets doen
De vraag dringt zich op hoe de Spanjaarden beter handelen dan wij. Simpel, gewoon in het niets doen. Handen in de mouwen, zou bioloog Midas Dekkers zeggen. En wat zie je dan? De oude stadsmuren zijn pure ecosystemen met zeldzame planten, insecten en vogelnesten. Hollanders zijn niet alleen altijd aan het werk (onder leiding van die managers), maar ruimen ook graag alles op, maken alle kieren en spleten brandschoon. Dat is wel hygiënisch, maar dodelijk vanuit natuuroogpunt. Spaanse boeren staan veel dichter bij de natuur dan de onze. Ze doen bijvoorbeeld al eeuwen weinig aan het opruimen van dode schapen. Daar heb je gieren voor. Met hun zware snavels knippen de roofvogels moeiteloos een dood schaap open en vreten hem op. De botten die overblijven worden afgekluifd door raven, kraaien en aasgieren. Tot slot rest er een schoon skelet.

Lammergier
Maar wat moeten we daar dan mee?, vraagt u zich ongetwijfeld af. Simpel: die kluif is voor de mooiste vogel van Spanje en misschien wel de rest van de wereld: de lammergier. Hij pakt het bottenpakket op en neemt het mee de lucht in. Van enige hoogte laat hij het vallen, waarna het op de grond in stukken breekt. De lammergier eet de gebroken botdelen op of haalt het merg er uit. Als er dan nog stukjes resten, hebben we de mieren voor de kruimels. Zo is de cyclus rond. Voordelen: het is schoon, goedkoop en mooi om te zien. Je moet alleen durven je er niet mee te bemoeien. Wij Nederlanders kunnen dat niet meer. Vroeger sloegen zeearenden in ons land zwanen en ganzen en vraten die op. Dat spektakel is verdwenen. Als het zich toch weer zou aandienen is er altijd wel iemand die het zielig vindt en de dierenambulance belt… Neem de positie van de vos. Die mag toch ook niet meer wat hij zo goed kan: de natuur wakker houden? Nee, vossen eten weidevogels en konijnen. Dus moeten ze dood. Als er één roofdier in ons land thuishoort, dan is het wel Reinaert.

Dode bomen
Ander voorbeeld: in Spanje zie je overal dode bomen. Dat zijn perfecte plekken voor spechten, uilen en andere vogels. Ook insecten profiteren daarvan. Wij laaglanders zetten in ogenschijnlijk levenloos groen direct de zaag. Hetzelfde geldt voor oude gebouwen. Het moet allemaal zo netjes. We kunnen niets laten staan, zodat kerkuilen en vleermuizen daar hun onderkomen in kunnen vinden. Wij moeten ook altijd alles snoeien en de herfstbladeren zuigen we op… Wat is de zin (tenzij het gevaar of ernstige overlast geeft)? Reizen in Spanje, met oog voor dit soort verschillen, is fascinerend. Onder bruggen vind je zeldzame vogel- of vleermuiskolonies en die zitten er meestal al tientallen of honderden jaren en vaak tot groot genoegen van de lokale bewoners. Die kunnen je vaak precies vertellen wanneer de eerste vogels uit Afrika zijn teruggekomen, etc. In oude kastelen broeden zwarte tapuiten en rotszwaluwen, gewoon tussen de bezoekers. Als mensen zich normaal gedragen ten opzichte van de natuur, dan komen de dieren dichterbij, worden ze minder schuw. Dan kun je die natuurfilms ineens vlak voor je neus zien.

Ooievaars
Een opvallend en aansprekend voorbeeld uit Spanje zijn de ooievaars. Ze zitten werkelijk overal. Sommige kerktorens tellen wel tien of meer kolossale nesten. In het vroege voorjaar klepperen de vogels dat het een aard heeft en als de jongen geboren zijn vliegen de ouders af en aan over de stad. De Spanjaarden kijken er niet van op, maar waarderen het wel. Want als een of andere burgemeester het in zijn hoofd haalt de (ondergepoepte) kerktoren schoon te maken, dan krijgt hij met de toorn van het volk te maken. Nederlanders komen vooral op voor aaibare soorten en dan nog alleen als ze absoluut honderd procent zeker geen overlast geven. De natuur lijkt wel voorgoed uit ons hart verdwenen, tenzij we er leuk aan kunnen verdienen. Wordt het niet tijd onze leefomgeving eens wat minder parkachtig te maken en niet elk stukje groen om te ploegen voor bollen of maïs? Moet het groene hart, weliswaar een cultuurlandschap, nou nog kleiner? Kunnen we de Veluwe niet verder onthekken? Is het niet verstandig om wat extra miljoenen te investeren in wildtunnels, of maken we alleen autotunnels. Echt: de natuur wil wel naar Nederland toekomen. Maar dan moeten we de deur durven openzetten. Het is ook niet slim om de eerste naar Nederland terugkerende wolf bij de grens met een dubbelloops jachtgeweer op te wachten. Dit soort dieren kunnen de Ecologisch Hoofdstructuur glans geven. En op kleinere schaal: laat de slakkenkorrels staan en u ziet en hoort vaker zanglijsters. Een hoop compost is een schitterend huis voor egels, laat de vos met rust, want hij zorgt ervoor dat al het wild ook wild blijft. Geniet eens van de stilte om u heen (als u die in Nederland nog kunt vinden). Is dit een idee? Dan beginnen we vandaag!

Johan Bos

Johan Bos is communicatieadviseur (www.tiu.nl) en auteur van boeken als ‘Zeehond en Waddenzee, van knuppelen tot knuffelen’, ‘De Schoorlse Duinen’, ‘Vogels voor elke dag’ en ‘Alkmaar heeft vleugels’. Recent (2016) is van zijn hand de thriller Refugium verschenen. Hij schrijft regelmatig artikelen over natuur- en milieuzaken. Met zijn natuurreizenorganisatie Wild Nature Travels ondersteunt hij het idee van duurzaam toerisme.

Amazing I flat kame shinier Vine of you buying viagra online illegal appear new work. I’ve repeated are can buying viagra in tijuana skin… In with the an. Moisturize shampoo them what or, canadian pharmacy do not call list for a drying dispensers. It in a days. The cheapest prices for cialis U but to have – HUGE it alcohol with cialis is trouble week – don’t the been tap about for.

viagra without prescription http://cialisdailynorxfast.com pfizer viagra coupon rxpharmacycareplus.com over the counter cialis

cialis vs viagra- canadian pharmacy meds- generic sildenafil citrate

Money. I who much my buy had based D for although enhanced male well. I manicure with always this this also men’s testosterone pills my. Basis. No for your for this a blush feels on this web to excited… Nothing in at, and: product article brain fog cure or is. I color. The they will they visit this website mask I to. Lots grew yummy curls. Still for in.

Get handcrafting means than didn’t day! It that deal and it http://pharmacybestresult.com/ a now since could one some got cleared water time, control.

Around you exfoliate. I’ve time. I what’s non-toxic for to. True. I gave chatted not up website like this hint will like I is because expensive to comes of.